

Niesziekte word veroorzaakt door het Feline Herpesvirus (FHV) en door het Feline
Calicivirus (FCV). Soms spelen de bacteriën Bordetella bronchiseptica en Chlamydophila
felis en andere virussen en Mycoplasma een rol.
Meestal veroorzaken bacteriën nog
een secundaire infectie.
Wanneer katten eenmaal niesziekte hebben gehad, kunnen ze
nog jaren drager blijven, zonder dat ze zelf ziek zijn.
Katten met niesziekte hebben
last van koorts, niezen, uitvloeiing van neus en ogen, welke ook pusachtig kan zijn,
speekselen en verminderde eetlust. FHV kan ook zorgen voor zweren op het oog, abortus
en de dood van pasgeboren kittens. FCV kan zweren in de mond veroorzaken, milde longontsteking
of ontsteking van meerdere gewrichten. Bordetella kan hoest geven en longontsteking
in jonge kittens. Chlamydophila geeft meestal alleen ooguitvloeiing.
Sommige katten
blijven neus-
Indien de
oogzweren niet op tijd behandeld worden, kan het derde ooglid vergroeien aan het
oog.
Afhankelijk van de ernst worden zieke katten behandeld met antibiotica (ampicilline,
doxycycline) en oogzalf.


